Rucola-rosevalaardappelstamppot met Westmalle-rabarber saus en karbonade

Voor de stamppot: 500 g rosevalaardappels zakje rucola 2 eetlepels creme fraiche 50 ml melk zout versgemalen peper nootmuskaat Voor de saus: 3 stengels rabarber 1 eetlepel honing 3 eetlepels suiker 50 ml water 4 sjalotjes 2 dl rundfond 1 flesje Westmalle Trappist Dubbel (bier) 2 of 3 schouderkarbonades enkele blaadjes bladpeterselie Bereidinsgtijd: 30-40 minuten (inclusief wachttijd) Voor 2-4 personen Stamppot: Schil en was de aardappels en kook ze binnen 20 minuten gaar. Giet ze af en maak ze met behulp van een stamper fijn, voeg de creme fraiche en melk toe en maak de puree lobbig. Breng de puree op smaak met peper, zout en nootmuskaat en voeg daarna de in stukken gesneden rucola toe. Saus: Maak de rabarber schoon, snijd beide uiteinden af en snijd de rabarber in schijfjes. Verhit de plakjes rabarber in een pan samen met een klein beetje water en voeg honing en suiker toe. Breng het geheel aan de kook en laat daarna voor 5 minuten koken. Snijd de sjalotten fijn en bak deze in een sauspan glazig in een beetje boter. Blus de sjalotjes af met runderfond en de Westmalle en voeg de rabarbermoes toe. Laat de saus voor 15 minuten inkoken, breng op smaak met peper en zout. Je kunt de saus eventueel binden met allesbinder of maizena. Karbonades. Laat eerst de karbonades op kamertemperatuur komen, haal hiervoor de karbonades een half uur voor bereiding uit de koelkast. Verhit boter en een beetje olijfolie in een braadpan en braad hierin de karbonades voor ongeveer 15 tot 20 minuten op laag vuur. Keer de karbonades regelmatig. Serveren: stamppot in een mooi rondje op het bord schikken en leg hiernaast de karbonade. Schenk een beetje saus over de karbonades en rondom de stamppot. Garneer de karbonades met een paar blaadjes bladpeterselie. Serveer dit gerecht samen met een glas Westmalle.

Geef een reactie